Scroll To Top

Rechtbank: El Sierd mocht Domagoj Vida een lelijkerd noemen

Voetbalverslaggever Sierd de Vos staat bekend om zijn ‘authentieke’ wedstrijdcommentaar. El Sierd bespreekt tijdens uitzendingen doorgaans liever randzaken - zoals details over het privéleven van de spelers, de geschiedenis van de club of de lokale cuisine - dan de feitelijke gebeurtenissen op het veld. Het leverde hem een cultstatus op, maar ook de nodige kritiek.

Tijdens zijn verslag van de Champions League wedstrijd Ajax-Besiktas in november 2021 noemde De Vos Domagoj Vida (ook wel bekend als de knipoog-Kroaat: https://lnkd.in/ehwY3rJT) ‘zo lelijk’, dat hij ‘normaal gesproken niet op dit tijdstip mag spelen omdat er veel kinderen kijken’ en dat de club ‘ontheffing had aangevraagd om hem toch mee te laten spelen’. Vida, en veel anderen met hem, vonden deze opmerking te ver gaan en de Kroaat besloot een procedure te beginnen in Nederland.

De inzet van de zaak is overzichtelijk: Vida eist een verklaring voor recht dat de uitlating van De Vos onrechtmatig was en een rectificatie van de uitlating op alle relevante (online) media. De voetballer wijst erop dat de uitlating onnodig grievend is en de feitelijke onderbouwing ontbreekt.

De rechtbank volgt het betoog van de Kroaat niet. Na het aanleggen van de gebruikelijke toets (art. 10 vs. art. 8 EVRM), waarin alle omstandigheden van het geval (aard van de uitlating, aard van het medium, ernst van de te verwachten gevolgen, inkleding van de uitlating, de maatschappelijke positie van de betrokken persoon) worden benoemd en afgewogen, komt de rechtbank tot de conclusie dat de grens van het onbetamelijke in casu niet wordt overschreden. De rechtbank weegt daartoe in het bijzonder mee dat de opmerking van De Vos geen ‘mededeling of beschuldiging van feitelijke aard’ betreft en dat deze – hoewel misplaatst en smakeloos - grappig is bedoeld. De opmerking zal niet als ‘serieus’ worden opgevat door het publiek en is bovendien gedaan in een live-uitzending (en derhalve niet vooraf bedacht). Het betekent niet dat alles wat ‘live’ wordt gezegd straffeloos is, maar speelt wel een rol in de belangenafweging, aldus de rechtbank. Ten slotte hecht de rechtbank er waarde aan dat Vida een ‘public figure’ is, die zich meer (negatieve) publiciteit moet welgevallen dan een willekeurige persoon.

Het oordeel van de rechtbank is degelijk gemotiveerd en lijkt in lijn met de rechtspraak van het EHRM (o.a. over satirische en parodiërende uitingen). Intentie en context is van groot belang. Een uitlating die evident is bedoeld als grap, moet niet letterlijk worden genomen en ook slechte en smakeloze grappen kunnen bescherming vinden onder de expressievrijheid.

Of Vida hoger beroep zal instellen tegen het vonnis is nog niet bekend.

Vonnis: https://uitspraken.rechtspraak.nl/#!/details?id=ECLI:NL:RBMNE:2023:787

Auteur: Corstiaan Kan
Datum post: 17 juli 2023